Dark Intelligence, door Neal Asher

Neal Asher is een goeie science-fictionschrijver. Zijn bladzijdes staan boordevol sf-ideeën die voor de doorgewinterde sf-liefhebber gesneden koek zijn en die hij daarom verder niet uitlegt. Helemaal niet erg want van die uitleg word je soms ook beetje moe.

Dark intelligence speelt in zijn Polity-universe. Om het stand-alone leesbaar te houden, licht hij daar wel het een en ander over toe. Niet tot vervelens toe maar wel genoeg om het verhaal goed te kunnen volgen, en dat lukt ‘m aardig.

Het verhaal zit stampvol actie en leest als een snelle actiefilm, ook door de wisselende perspectieven.

Dit alles zorgt voor een prima boek… Als ook het verhaal in orde was geweest. Begrijp me niet verkeerd: het verhaal is niet slecht. Het is spannend en intelligent maar niet te ingewikkeld. Mijn bezwaar is dat het een dertien-in-een-dozijnverhaal is. Soldaat zoekt wraak. Ja, de uitwerking is fantastisch en de stijl zalig. Maar het verhaal is te eendimensionaal.

Advies: lezen als je van harde scifi houdt en eens een kijkje in de Polity wil nemen.

Revenger, door Alastair Reynolds

Reynolds staat bij mij te boek als een zeer vakkundig schrijver, een ambachtsman. Zijn boeken zitten technisch heel goed in elkaar: de spanningsboog houdt je geïnteresseerd; de karakters waar je op let zijn dynamisch en zelfs de bijrollen zijn vaak meer dan achtergrond alleen; de scifi-‘attributen’ zijn orde (het neigt niet naar fantasy); enz. Ook zijn verhalen snijden vaak hout en zijn niet zomaar verhalen om het scifi-decor een reden te geven.

Ook Revenger zit goed in elkaar maar ik mis de grote ideeën. Het verhaal speelt in de verre, verre toekomst: de ‘dertiende beschaving’. De mensheid is verdeeld over vijftig miljoen natuurlijke en kunstmatige werelden en satellieten en moddert rustig voort.

Adrana Ness woont met haar vader en zusje Arafura op een planeet waar de economie nogal ingesukkeld is en om haar vader financieel te helpen, maar vooral om het avontuur, monstert ze met haar zus aan op het schip van kapitein Rackmore. Net als vele anderen verdient Rackmore zijn geld door afgesloten werelden van voorgaande beschavingen af te zoeken naar schatten.

Het geheel heeft een nautisch thema. Er wordt gesproken in een soort piratentaaltje, geschoten met harpoenen en de schepen hebben de vorm van vissen. De schepen hebben ramjetaandrijving: zonnezeilen.

Allemaal leuk en aardig, Reynolds, maar dit is een zeeroversverhaal en een boek voor jongvolwassenen. Weliswaar heel goed uitgevoerd, spannend en ook voor de scifi-liefhebber echt een aanrader maar het verhaal drijft (haha) op het zeebonkengevoel. Het is daarmee een curiositeit, en een schrijver als Alastair Reynolds kan zich dat veroorloven omdat hij de kunst beheerst.

Advies: “lezen, tenzij”.

Roboteer, door Alex Lamb

In de toekomst is de Aarde verenigd en wordt geregeerd door de kerk. De kerk heeft absolute macht en houdt de bevolking onder de duim. Ze voert militaire campagnes en propaganda tegen kolonies op andere planeten die zich bezig houden met “kapitalistische en fascistische genetische manipulatie”.

Will is een roboteer op de koloniale planeet Galatea. Roboteers zijn genetisch zo ontworpen dat ze direct kunnen interfacen met robots en software op ruimteschepen. Galatea is in oorlog met de Aarde omdat de kerk de kolonisten als kapitalistische fascisten ziet.

Will en zijn team komen erachter dat de Aarde in het geheim een buitenaards wapen heeft gevonden en dit inzet tegen de kolonies. Dit krijgt natuurlijk een staartje.

roboteer

Roboteer is klassieke space opera: het voortbestaan van de mensheid staat op het spel; een stoere mannelijke held; een love interest; goed tegen kwaad; en heel, heel veel gevechten in de ruimte.

Als ik het zo beschrijf, klinkt het misschien droog. Maar Roboteer heeft een hedendaags tempo (snel), humor, poetic justice en sympathieke karakters. De gebruikte tech is ook bij de tijd en het verhaal wordt netjes afgerond. Het vooral ook niet langer dan nodig. Dit alles zorgt ervoor dat Roboteer een zeer smakelijk tussenhapje vormt. Een mooi werkje in de traditie van Arthur C. Clarke c.s.

Ik denk niet dat delen II en III veel aan het verhaal zullen toevoegen, maar dat zullen we later zien.

Advies: lezen; je kan je er geen buil aan vallen.